mariojacobs_8617

Must-read: Liever niet meer asfalt draaien

Auteur: Amanda Verdonk

De Gemeente Tilburg werkt aan een nieuwe mobiliteitsaanpak. Daarin wordt het roer radicaal omgegooid: infrastructuur is niet langer leidend, wel de stimulering van communities die alternatieve oplossingen voor mobiliteit bedenken, zoals fietssnelwegen en intelligente transport systemen. Wethouder Mario Jacobs over deze transitie: ‘Wij gaan niet langer zelf alles bedenken, we staan open voor initiatieven.’

Wat versta je onder nieuwe mobiliteit?

Voor ons betekent het dat we ons niet meer alleen op infrastructuur (de hardware) richten, maar ook op software zoals slimme technologie, mindware zoals het gedrag van reizigers en orgware; hoe organiseer je samen met andere partijen een betere bereikbaarheid? Vroeger hadden we een hiërarchisch systeem; het zwaartepunt lag bij de infrastructuur. Nu gaan we hardware, software, mindware en orgware meer in balans brengen. Het oude hiërarchische model werkt namelijk niet meer. Meer infra leidt alleen maar tot meer verkeer. Dat bijt je in de staart. Wij willen een leefbare stad. De mobiliteit staat in dienst daarvan. In de nieuwe visie denken we vanuit de gebruiker, want meer asfalt kunnen we niet aan. We spreken met partijen af dat we slimmer met mobiliteit omgaan. Bijvoorbeeld door mensen te stimuleren hun gedrag aan te passen, zoals anders werken met nieuwe technologieën of door eens de fiets te pakken.

Maakt zo’n nieuw model het niet lastiger om concrete doelen te realiseren?

Het is inderdaad lastiger om verantwoording af te leggen als je niet meer klassieke prestatie-indicatoren hebt zoals de hoeveelheid aangelegd asfalt. We zijn nog op zoek naar nieuwe indicatoren. Misschien zijn dat wel tevredenheid, beleving, geluk. We willen een populaire stad zijn waar mensen graag komen. Op cultureel gebied doen we het al heel goed met bijvoorbeeld Poppodium 013, Festival Mundial, Museum De Pont en de Tilburgse kermis. We hebben wel concrete projecten met concrete doelen. Bijvoorbeeld op de A58 tussen Tilburg en Breda. Daar willen we extra asfalt zo lang mogelijk uitstellen en richten we de weg in als Innovatiestrook. We hebben daar een bereikbaarheidsprobleem en creëren de ruimte om proactief met technieken aan de slag te gaan. Daar gaan we prototypes uittesten. Dat kan van alles zijn, bijvoorbeeld het testen van zelfrijdende auto’s. Ook gaan we in onze gemeente met Intelligente Transport Systemen (ITS) aan de slag. Denk bijvoorbeeld aan het slim afstellen van verkeerslichten, zodat vrachtwagens ongehinderd kunnen doorrijden. Dat is economisch handig, scheelt tijd en levert minder uitstoot op. Brabant ligt precies op de goede plek op de ITS-corridor van Rotterdam naar Wenen. Deze snelweg moet de slimste van Europa worden. Met deze innovaties kunnen we de bereikbaarheid verbeteren maar ook de economie versterken. Want de ontwikkeling van die systemen levert ook geld op.

Hoe verandert de mobiliteitsmix in Tilburg de komende jaren?

Ik denk dat de groei van de automobiliteit niet langer vanzelfsprekend is. Het is nog wel koffiedik kijken wat de impact van de zelfrijdende auto gaat zijn. Misschien wordt verkeersdrukte door auto’s hierdoor wel beheersbaarder omdat je een zelfrijdende auto niet meer voor de deur hoeft te parkeren; hij kan komen voorrijden. Streekbusvervoer zal anders moeten in de toekomst. Maar wij gaan niet langer zelf alles bedenken, we staan open voor initiatieven. Mensen van buiten weten vaak veel beter wat ze willen. Het is altijd lastig om voor iemand anders te gaan denken. Nu al zie je dat vrijwilligers uit zichzelf met busjes gaan rijden. En er staat elke dag een fietstaxi bij het station; daar hebben wij niet eens om gevraagd, die stond er ineens. We zijn heel blij met zulke initiatieven. We stimuleren bijvoorbeeld ook communities zoals het St Elizabeth ziekenhuis dat zijn personeel stimuleert om vaker te gaan fietsen, vanuit gezondheidsoverwegingen. Een ‘low car diet’. En de Efteling investeert in het snelfietspad tussen Tilburg en Waalwijk. De fiets is een heel succesvol vervoermiddel. Het fietsparkeren rond het station explodeert en de OV-fiets is erg populair. We willen meer ruimte geven aan langzaam verkeer, zeker in de binnenstad. Hoe faciliteer je een voetganger? Daar werd eigenlijk nooit over nagedacht, daar is nog veel meer uit te halen.

Hoe zorg je dat alle infrastructuur in een stad toekomstbestendig is?

Dat is een lastige opgave. Door investeringen in infrastructuur, zoals wegen en parkeergarages, met slimme alternatieven zo lang mogelijk uit te stellen of zelfs onnodig te maken. Ook is het belangrijk om infrastructuur adaptief te bouwen, met robuustheid en flexibiliteit. Je moet infrastructuur kunnen transformeren naar een ander doel. Parkeergarages bouw je voor een termijn van veertig jaar. Misschien kun je een parkeergarage voor bezoekers wel omvormen tot een parkeergarage voor bewoners, of een in- en uitstappunt voor zelfrijdende auto’s. Jammer is wel dat parkeerkosten een perverse prikkel zijn, omdat die nu inkomsten voor de gemeente genereren.

Wat kun je leren van andere Brabantse steden?

We hebben regelmatig overleg met de ‘B5’; de vijf grote Brabantse steden. Er zijn rode draden, we zijn allemaal op dezelfde manier met mobiliteit bezig. We kunnen veel van elkaar leren en vullen elkaar aan. De provincie kan stimuleren dat we oplossingen zoals succesvolle pilots van elkaar overnemen. Alleen moet het niet bij pilots blijven. Ook het bestendigen kun je op verschillende manieren belonen. Zeker voor zaken die over de gemeentegrenzen lopen moet je nu eenmaal bovenregionale afstemming hebben om het bekende voorbeeld van het doodlopende fietspad bij de gemeentegrens te voorkomen. Dansen tussen de schalen, noemen we dat.

CV

Mario Jacobs is sinds 2014 wethouder Ruimtelijke Ordening, Slimme & Duurzame Mobiliteit, Groen in en om de stad en Monumenten bij de Gemeente Tilburg. Hij studeerde arbeids- en organisatiepsychologie en wijsbegeerte aan de Universiteit van Tilburg. Hij werkte onder andere bij Nyenrode Business Universiteit, het Ministerie van Economische Zaken en Nicis Institute in Den Haag, veelal op het gebied van maatschappelijke vraagstukken.